Koekjes en Shiva

 

Mama, mag ik koek­jes bakken, mama mag ik een taart bakken?” Char­ly is gek op bakken. Iedere week weer wil ze iets bakken. Ze houdt van zoet of ze houdt van de din­gen met elka­ar men­gen. Wie zal het zeggen? Ze vin­dt het in ieder geval een fan­tastisch pro­ces, een grote kom, meerdere ingre­di­en­ten er in, mix­en, in een blik of vorm gieten, en dan gezel­lig de oven in. Daar­na als het gebakken is en nadat het is afgekoeld het te mogen ver­sieren. Zo ook afgelopen week­end. Niet de schaat­sen onder de voeten maar glib­berend over de strat­en in Den Haag in de smart for two naar onze koek­jes afspraak.

 Samen zijn we koek­jes gaan bakken bij Bet­ti­na. Een lieve vrouw die weet hoe een kinder­hart te ver­wen­nen. Dit keer was het beslag al voor ons gemaakt. Char­ly hoefde alleen maar aan de keukentafel plaats te nemen. Daar was een volledig assor­ti­ment aan koek­jesvor­men voor haar op de tafel gelegd inclusief een grote dee­groller. Het was een ver­plaat­ste afspraak. De koek­jes zouden eerst met de kerst gebakken wor­den. Maar in het hier en nu viel alles op zijn plek. Buiten ijs en sneeuw. De tem­per­a­turen onder het vriespunt dus alle reden om naar bin­nen te gaan naar een warme oven en dan met gezel­lige fig­uren die je eerder in de maand decem­ber tre­ft, koek­jes mak­en.

In totaal 5 bak­b­likken gin­gen de oven in en uit. En toen kwam eigen­lijk waar het alle­maal omdraait, ver­sieren. De koek­jes mooi mak­en. Nou en dat kan je aan een kind wel over­lat­en. Zek­er als er voor je neus op tafel suik­er, choco­lade, aller­lei kor­rels in pot­jes en noten staan uit­gestald. Alle koek­jes wer­den ver­sierd en ver­vol­gens in een grote trom­mel gestopt zodat ze mee kon­den naar huis.

Kijk eens Papa, koek­jes.” “ ‘Ah, zegt papa, die zijn mooi. Zijn die alle­maal voor mij?” “Niet alle­maal, papa. Er zijn er ook een paar voor mij en mama.” “Wacht eens even, zegt papa, ik zal een mooie foto mak­en voor Bet­ti­na. En de koek­jes bren­gen mij op een idee. Ik wil nog een grap­je met iemand uithalen. Heb je nog een fold­er van de Bikram Yoga?” “Ja, die heb ik,” antwo­ord ik. Uit mijn la haal ik een fold­er van Bikram Yoga. Ooit heb ik een keer een les gevol­gd maar mijn voorkeur gaat toch uit naar andere vor­men van yoga die je naar je inner­lijke bron bren­gen of in con­tact met het zelf.

Na een aan­tal uren heeft Har­ry een foto­be­w­erk­ing gemaakt van onze koek­jes met daar­bij een logo van Bikram Yoga. Hier dan kan je hem ops­turen aan Bet­ti­na. Aan Bet­ti­na, oke. Maar waarom met dat Logo. Dat begri­jp ik niet, ik doe toch aan andere vor­men van yoga. Ver­vol­gens komt hij met een andere foto­be­w­erk­ing, onze koek­jes, een afbeeld­ing van Shi­va en twee kolib­ries. Dat komt iets meer in de buurt, denk ik.

De kolib­rie die vanu­it een per­fecte vlieg­bal­ans zijn lange snavel tot diep in de bloemkelk kan bren­gen om daar haar voed­sel te vin­den. Shi­va de god van de lev­en­scy­clus, de opper­ste yogi, de heer der dieren en zijn eerste ver­ant­wo­ordelijkheid is het in stand houden van de lev­en­scy­clus. Het beeld van Shi­va had ik mij enkele jaren gele­den aangeschaft. Ik moest het beeld een mooi plek­je geven, zei de vrouw, en naast het beeld twee kaarsen bran­den. De eerste keer dat ik haar raad opvol­gde schrok ik mij bin­nen de kort­ste keren een hoed­je. Al spoedig brak de boven de kaarsen gele­gen glazen plaat doormid­den. Ik zette het beeld ergens anders maar daar waar het nog steeds de kamer in kon kijken.

Lang begreep ik de beteke­nis niet van deze god. Pas onlangs op een yoga mat toen ik een work­shop bij­woonde over Yin Yoga en Chakra med­i­tatie, en de ler­ares de ter­men shak­ti en shi­va aan­haalde, werd het mij helder.  Shak­ti de oer­godin of oeren­ergie die ligt te slapen aan de onderz­i­jde van de wervelkolom om wakker gemaakt te wor­den door Shi­va, of zuiver bewustz­i­jn, om samen langs de boog van zeven omhoog te reizen naar Sahas­rara Chakra. Naar het eind­sta­di­um van yoga, samad­hi, gelukkig zijn of gelukza­ligheid.

 Wel, wat een koek­je alle­maal wel niet te weeg kan bren­gen. Een ding is zek­er van een koek­je wordt ieder kind blij en hele­maal als het zelf aan het pro­ces van mak­en heeft mogen deel­ne­men. En zo is de cyclus van deze afbeeld­ing weer rond. Een koek­je is zo slecht nog niet zolang als je kunt geni­eten van het pro­ces hoe het koek­je tot stand is gebracht, af en toe een koek­je hapt en de ver­lei­d­ing van steeds meer koek­jes eten weet te weer­staan. Steeds meer maakt ongelukkig, geni­eten van het moment en in het moment zijn maakt gelukkig, en alles wat je over­houdt deel je met anderen.

Catha­ri­na Bli­jlevens

Bookmark and Share